De eerste stap is een gesprek

Toiletbezoek mag geen zware gang zijn

Blijf niet rondlopen wanneer u problemen heeft om uw ontlasting kwijt te raken of juist onvrijwillig verliest, daar is iets tegen te doen. Samen met de bekkenfysiotherapeut vindt u de oplossing.

 

Ontlastingincontinentie

Ontlastingincontinentie, ook wel fecale incontinentie, is een aandoening waarbij de controle over de sluitspier van de anus zodanig verminderd is dat er geen beheersing over het laten lopen van ontlasting meer is, wat leidt tot ongewild verlies van ontlasting of windjes (flatus). De oorzaak van ontlastingincontinentie kan liggen in de bekkenbodemspieren, beschadiging van de kringspier, spastische darmen of in obstipatie. Dit laatste kan leiden tot irritatie van de darmwand, met een dunne ontlasting tot gevolg.

Ontlastingsverlies wordt onderverdeeld in:

  • Vast;

  • Vloeibaar;

  • Passieve fecale incontinentie, zoals verlies zonder gevoel van aandrang of moeite met schoonmaken na defecatie;

  • Onvrijwillig verlies van ontlasting tijdens vaginale gemeenschap.

Flatusincontinentie wordt gedefinieerd als klachten van ongewild verlies van flatus (windjes). Dit kan zowel vaginaal als anaal als beiden zijn.

Controle over uw bekkenbodem

Obstipatie kan te maken hebben met een te gespannen of niet op de juiste manier functionerende bekkenbodem. Door een te hoge spierspanning in de bekkenbodem is het gevoel aan de onderkant en in de onderbuik minder. Een hoge bekkenbodemspierspanning kan ook leiden tot pijn in de onderbuik, lage rug en aan het staartbeen. Deze pijn kan zo hevig zijn dat gewoon zitten onmogelijk is.

Wordt de bekkenbodem tijdens het ontlasten niet of onvoldoende ontspannen, dan kan de ontlasting niet of maar gedeeltelijk geloosd worden. Hierdoor kunt u een vol gevoel houden. Het is dus erg belangrijk een goede controle over uw bekkenbodem te hebben. Door verschillende oorzaken kunt u de controle over de bekkenbodem kwijt zijn. De bekkenfysiotherapeut helpt u om die controle weer terug te krijgen.

Toiletgedrag; Dit helpt bij het ontlasten

  • Voelt u aandrang tot ontlasting (vaak 20 - 30 minuten na de maaltijd), ga dan direct naar het toilet.
  • Ga ontspannen op het toilet zitten, de voeten op de grond, de rug iets bol, de kleding goed naar beneden.
  • Ontspan uw bekkenbodem en pers rustig en in zeer geringe mate, terwijl u uitademt naar uw buik. Ideaal is als u helemaal niet hoeft te persen. Dat moet u dan ook zeker niet elke keer doen.
  • Richt de druk naar de anus.
  • Komt de ontlasting niet, adem dan een aantal keren rustig in en uit. Uw buik beweegt hierbij goed mee (buikademhaling). Probeer hierna nogmaals op de juiste manier te persen.
  • Als de ontlasting nog niet komt, kantel dan het bekken tien keer voor- en achterover en adem hierbij rustig in en uit.
  • Komt de ontlasting niet terwijl u toch behoorlijke aandrang heeft, probeer dan als u kunt ongeveer tien minuten intensief te , bewegen bijvoorbeeld (flink) wandelen of andere werkzaamheden uit te voeren. Ga hierna weer naar het toilet en ga ontspannen zitten. Probeer of de ontlasting nu wel wil komen met de hierboven genoemde tips. Als dat na vijf minuten nog niet lukt, ga dan niet hard persen, maar wacht een volgende gelegenheid af. Lukt het wel, rond dan het geheel af door uw bekken enkele keren voor- en achterover te kantelen met een rustige buikademhaling (in en uit). Span tot slot de bekkenbodemspieren even goed aan en ontspan ze weer. Sta daarna pas op.

Tips bij plassen en ontlasten

  • Zowel voor het plassen als voor het ontlasten is het belangrijk dat u elke dag voldoende drinkt: 1,5 tot 2 liter. Een kanttekening hierbij is, dat het drinken van veel caffeïnehoudende dranken, alcohol, citrusdranken (zoals sinaasappelsap) en koolzuurhoudende dranken (cola ed.), zorgen voor meer en een sterker gevoel van aandrang.
  • Eet op regelmatige tijden; eet gevarieerd en vezelrijk.
  • Eet rustig en kauw goed.
  • Elke dag een half uur (of meer) bewegen.
  • Veeg met toiletpapier altijd van voor naar achter.
  • Is de huid rond uw anus erg geïrriteerd, spoel dan na de toiletgang met water en dep de huid daarna goed droog. Eventueel föhnen.
  • Gebruik geen zeep. Hierin zitten stoffen die uw slijmvliezen kunnen irriteren. Dit geeft meer afscheiding en dat ruikt.
  • Wanneer de ontlasting moeilijk komt, kan het helpen met beide handen vanaf de anus schuin omhoog naar de bekkenrand te strijken. Herhaal dit een paar keer.
  • Hebt u er moeite mee om op een “vreemd” toilet te gaan zitten, maak dit dan schoon met bijvoorbeeld een toiletdoekje. Of maak gebruik van toiletbril papier.
  • Hebt u moeite om alle ontlasting kwijt te raken, dan kunt u eventueel met de hand wat tegendruk geven vanaf vagina of scrotum tot de anus.

Behandeling

Een gespecialiseerde bekkenfysiotherapeut is in veel gevallen de aangewezen persoon om samen met u oplossingen te vinden. Bij de bekkenfysiotherapeut leert u weer te voelen in en met de bekkenbodem. U wordt zich bewust van wat u doet met de spieren van uw bekkenbodem. Wanneer u zich hiervan bewust bent, kunt u proberen verandering aan te brengen in het spiergebruik van de bekkenbodem. De bekkenfysiotherapeut heeft hiervoor verschillende mogelijkheden, zoals ademhalings- en ontspanningsoefeningen, bewustwordingsoefeningen, oefeningen met controle van hulpmiddelen als de myofeedback en elektrostimulatie. 

De bekkenfysiotherapeut bepaalt aan de hand van uw specifieke klachten samen met u welke behandeling het meest geschikt is. U leert ook wat de beste manier is om te plassen en te ontlasten. Verkeerde toilettechniek en verkeerd toiletgedrag leiden nogal eens tot klachten of tot verergering ervan.